Flexmarkt column mei 2022

‘Circulaire arbeidsmigratie moet je goed reguleren’

Het overgrote deel van de internationale medewerkers dat in ons land werkt, keert na verloop van tijd terug. Circulaire arbeidsmigratie, zeker van buiten Europa, moet goed gereguleerd worden. ‘Haal niet zomaar iedereen binnen en reguleer en controleer de instroom’, stelt Frank van Gool (OTTO Work Force) in zijn nieuwste column voor Flexmarkt.

Arbeidsmigratie komt in een nieuwe fase. De arbeidsreserve in de traditionele Europese wervingslanden raakt uitgeput. Ook daar slaat de vergrijzing keihard toe. Steeds nadrukkelijker komt arbeidsmigratie van buiten de Europese Unie in beeld. Maar dan gelden er wel andere regels. Vanwege de wet- en regelgeving moet het een gereguleerd proces zijn, waarbij nauwkeurig naar de functiespecificaties wordt gekeken en ook de terugkeer naar het land van herkomst nadrukkelijk in beeld is. Kortom, de sleutelwoorden zijn: gereguleerd, functioneel en circulair.

De beroepsbevolking in Europa daalt zienderogen. Dat geldt niet alleen voor landen als Spanje, Italië en Portugal, maar ook voor Duitsland en Frankrijk. Nederland zit in de Europese middenmoot, maar de daling is het grootst in landen als Roemenië en Polen. Dat laatste land is zelfs Europees koploper. Het Europees gemiddelde van de grijze druk (het aantal 65-plussers per werkenden) is momenteel 35%. De komende jaren stijgt dat percentage in Nederland tot 50 procent, maar in Polen tot 70%. Polen droogt dus op als wervingsland. Geen wonder dat voor specifieke functies nu al landen naar landen buiten Europa wordt gekeken. Maar dan zullen we het wel anders en beter moeten regelen.

Arbeidsmigratie is meer dan alleen een winstpunt voor de ontvangende samenleving. Het wordt tijd om die eenzijdige benadering los te laten en te kijken naar het grote geheel. Arbeidsmigratie is ook goed voor de internationale medewerker zelf. Maar ook voor het land van herkomst. Het is dus een win-win-win situatie. Uit cijfers blijkt dat arbeidsmigratie een substantiële bijdrage levert aan de economie van het herkomstland. In de eerst plaats doordat de internationale medewerker geld overmaakt naar zijn familie, maar helemaal als hij terugkeert met zijn opgedane kennis en vaardigheden. Dan is er geen sprake van een brain drain, maar van een brain gain.

Richt het proces zo in dat de internationale medewerkers na pakweg 5 jaar weer terugkeren naar hun geboorteland.

Het overgrote deel van de internationale medewerkers die in ons land werkt, keert na verloop van tijd terug. Circulaire arbeidsmigratie is dus nu al een constatering. Maar het zal vooral een ambitie moeten zijn als het gaat om arbeidsmigratie van buiten Europa. Het hele proces moet ingericht zijn op dat circulaire proces. Dat begint al bij de beroepsspecificaties. Arbeidsmigratie van buiten Europa zal vooral gaan om de werving voor specifieke functies. Haal niet zomaar iedereen binnen en reguleer en controleer de instroom. Zorg voor adequate wetgeving en richt het proces zo in dat de internationale medewerkers na pakweg 5 jaar weer terugkeren naar hun geboorteland. Dat is goed voor ons, voor de internationale medewerker zelf en voor het land van herkomst.

Duitsland heeft met het ‘triple win programma’ laten zien dat circulaire arbeidsmigratie in de zorg een succes kan zijn. De afgelopen jaren zijn er al 3500 verpleegkundigen van buiten Europa aan de slag gegaan. Een uitgebreid onderzoek laat zien dat de ervaringen zeer positief zijn. Daar kunnen we van leren, we moeten het vooral ‘gründlich’ aanpakken.

Suggesties

Bekijk meer insights


Wilt u meer weten? Hier vindt u nog enkele relevante nieuwsartikelen. Zo mist u niks meer van wat speelt binnen OTTO.

Waar theorie en praktijk elkaar raken

Er is iets opvallends aan de Nederlandse arbeidsmarkt. Terwijl werkgevers in vrijwel alle sectoren moeite hebben om personeel te vinden, staat een grote groep mensen langs de zijlijn klaar om te werken. Volgens het rapport ‘Talenten benutten: het onbenutte arbeidspotentieel van migranten’ van de Adviesraad Migratie uit 2025 gaat het om circa 330.000 mensen. Dat is niet alleen een sociaal vraagstuk, maar ook een economisch gemiste kans.

Waarom lukt het nog niet om dit potentieel volledig te benutten?

Een keten die werkt

De Nederlandse arbeidsmarkt kent al jaren tekorten, ook in sectoren zoals logistiek. Tegelijkertijd is er een grote groep statushouders en asielzoekers die wil werken, maar moeilijk aansluiting vindt. Dat contrast roept een simpele vraag op: hoe zorgen we dat vraag en aanbod elkaar wel vinden? Bij het sorteercentrum voor pakketten van DHL eCommerce in Dordrecht zien we dat dit mogelijk is. Niet als een volledig uitgewerkt model, maar als een traject waarin partijen samen optrekken, ervaring opdoen en blijven verbeteren.

Zonder internationale vakkrachten geen toekomstbestendig energienet

Mark Harbers, voorzitter van Techniek Nederland, slaat alarm: er ontbreken nog altijd concrete plannen vanuit Den Haag voor grote maatschappelijke opgaven zoals de woningbouw, energietransitie en infrastructuur. OTTO Global Services deelt zijn zorgen. Op dit moment staan 20.000 bedrijven op de wachtlijst voor een aansluiting op het stroomnet. De energietransitie dreigt vast te lopen op een tekort aan vakkrachten. De politiek moet vaart maken met een goed gereguleerde vakkrachtenregeling, specifiek voor vakmensen van buiten Europa.